Publiek lacht zich een ongeluk bij Blechschaden

Een ondermaatse dirigent, gekleed in een voor zijn geringe postuur wat ruim uitgevallen pandjesjas. Maar ook een maestro die de aandacht van het publiek weet vast te houden. Door de koddige manier waarop hij soepel verend op zijn kleine beentjes het orkest aanstuurt, maar ook door de grappen die hij maakt, zichzelf daarbij niet sparend.

Het publiek kon donderdagavond geen genoeg krijgen van het wervelende concert van Blechschaden, de onconventionele blaaskapel uit München, die in Duitsland grote faam geniet.

Tijdens het allereerste optreden van de formatie in Nederland, gingen alle remmen los. Bij het publiek, maar ook bij de leden van de formatie zelf, die zich duidelijk vermaakten op het Kerkraadse podium.

Charismatisch

De optredens van Blechschaden mogen dan aan elkaar hangen van de grappen en grollen, de twaalf muzikanten van de formatie (inclusief hun charismatische dirigent, de uit Schotland afkomstige hoornist Bob Ross) zijn op muzikaal gebied zeker niet de minsten. In het dagelijks leven maken ze deel uit van de Müncher Philharmonikern, een van de belangrijkste orkesten van Duitsland, een gegeven dat mede aan de basis staat van het ontstaan van Blechschaden. Drie leden genieten daarbij ook nog eens de status van hoogleraar, respectievelijk aan het conservatorium in Innsbruck (Erich Rinner), de Musikhochschulde in München (Arnold Riethammer) en het Mozarteum in Salzburg (Dany Bonvin).

Van talentvolle blazers in een vooraanstaand symfonieorkest is bekend dat zij – behalve wanneer zij soleren - zich tijdens repetities en uitvoeringen vaak stierlijk vervelen. De arrangementen waaraan zij af en toe een paar noten mogen bijdragen zijn hun niet echt op hun lijf geschreven en dat steekt.

Humor

,,Zonder strijkers klinken we veel beter”, verzekerde dirigent Bob Ross deze week de lezers van het Limburgs Dagblad. Een boodschap die iedereen die hem een beetje kent (en meer in het bijzonder zijn humor) met een dikke korrel zout zal nemen, maar toch.

Clownesk, energiek én zijn toehoorders op de juiste momenten bespelend met zijn mimiek, kreeg Ross het voor elkaar dat zijn orkest het in de afgeladen Rodahal zo goed deed dat er op bepaalde momenten één en al vrolijkheid heerste. Bijna iedereen stond van zijn stoel op en klapte mee op de maat van de veelal bekende stukken.

Dat Blechschaden niet voor niets een grote roem geniet, was te merken aan de variatie in de werken die ten gehore werden gebracht. Zwaar klassiek (Bach en Händel), werd afgewisseld met ‘popnummers’ (Elvis en de Beatles) die uitstekend landden bij het publiek dat deels – zo moge uit enig rekenwerk blijken – met deze muziek is opgegroeid.

Trechters

Het concert bestond verder onder meer uit marsen en gemakkelijk in het gehoor liggende traditionals, waaronder het onder blazers overbekende Londonderry Air (Danny Boy). En uiteraard was er de bekende triomfmars uit de opera Aïda van Verdi, die zoals bij Blechschaden te doen gebruikelijk, niet ten uitvoer werd gebracht met trompetten en hoorns, maar met tuinslangen met daaraan een trechter.

Ross kreeg - en hield – de lachers op zijn hand door de wat onhandige Alpenhoorn (die tegenwoordig van carbon gemaakt wordt en gemakkelijk in elkaar kan worden geschoven) te betitelen als de ‘Zwitserse mobiele telefoon’. Het goeddeels Kerkraadse publiek voelde zich duidelijk gevleid toen Ross hun eigen Kirchroa, ‘t sjunste op de welt noemde.

Sirtaki

Voor de aanwezige burgemeester Jos Som daarentegen moet het even pijnlijk zijn geweest toen hij via Ross – die kennelijk ergens iets had opgevangen - te horen kreeg dat zijn kennis van het Kerkraads te wensen overlaat.

Zelfs toen vrolijke noot Ross vertelde over zijn vader, die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland gelegerd was, bleef de stemming erin. Ross richtte zijn hoofd naar het plafond van de Rodahal en sprak de woorden: ‘Als mijn vader me nu eens kon zien’.

Het leidde tot een daverend applaus van het publiek, dat geheel volgens verwachting aangaf meer te willen. En dat kreeg het ook, in de vorm van de Sirtaki en de luidkeels meegezonden discodreun Y.M.C.A.

En toen was het echt ten einde: ook de leden van Blechschaden wilden naar het vuurwerk dat een halfuur later ontstoken zou worden.

Wie het bijzondere optreden heeft van de blaaskapel gemist heeft krijgt een nieuwe kans, al is het nog niet duidelijk wanneer. ,,We komen terug”, verzekerde Ross het uitzinnige publiek. En dat was overduidelijk geen grapje.